Koolhydraten zijn een heel belangrijke energiebron voor uw lichaam. Iemand die gezond eet haalt tussen de 40 en 70% van zijn of haar energie uit koolhydraten. De aanduiding “koolhydraat” refereert naar een combinatie van koolstof en water (zogenoemde hydraten). De term koolhydraat is afkomstig uit de Griekse taal. Koolhydraten worden ook regelmatig suikers genoemd. Wilt u afvallen, gezond eten of gewoon wat achtergrond informatie. Op deze pagina vindt u veel relevante informatie over koolhydraten.

De functie van koolhydraten

Koolhydraten leveren energie aan uw lichaam. Zonder energie kunnen we niet nadenken of bewegen dus heeft iedereen ze nodig. Vooral uw hersenen en rode bloedlichamen hebben dagelijks behoefte aan koolhydraten. Iedereen weet dat hersenen cruciaal zijn om te kunnen leven. De rode bloedlichamen zijn ook cruciaal, deze zorgen er namelijk voor dat alle weefsels in uw lichaam vanuit de longen worden voorzien van zuurstof en koolstofdioxide.

Naast energie zorgen de koolhydraten ervoor dat uw lichaam vetten kan opslaan. In het algemeen wordt verondersteld dat het gezond is wanneer uw lichaam zo’n 20-40% van haar energie uit vetten haalt.

Vet en eiwitten vormen eveneens een belangrijke bron voor energie. Wilt u snel afvallen dan is enige kennis van deze energiebronnen wel gewenst.

Naast bron van energie zijn koolhydraten ook belangrijke voedingsstoffen omdat ze uw lichaam voorzien van vezels, vitamines en mineralen. Teveel koolhydraten kan beteken dat uw lichaam te weinig eiwitten en vetten binnen krijgt.

Te weinig koolhydraten

Als u te weinig koolhydraten consumeert bestaat het risico dat u te weinig vezels, vitamines en mineralen consumeert. Dit is slecht voor uw gezondheid. Zo zijn vitamines en mineralen nodig voor een gezonde groei en huid, voor een gezond gebit, goed werkende hart en bloedvaten, ter voorkoming van ziekte etc.etc.

Te weinig kan ook beteken dat u spiermassa gaat verliezen. Uw lichaam gaat dan namelijk op zoek naar een andere energiebron die het vindt in eiwitten (en vetten). Eiwitten zijn erg belangrijk voor opbouw en behoud van spiermassa. Als uw lichaam hier teveel van moet aanspreken gaat dit ten koste van uw spiermassa.

Een goede balans is daarom van belang. In het algemeen wordt aangeraden om elke dag zo’n 5 tot 7 gram te consumeren per kilo lichaamsgewicht.

Goede en slechte koolhydraten

Als u wilt afvallen betekent dit dat u beter de meervoudige ofwel de langzame koolhydraten kunt eten. Maar wat betekent dit voor uw voeding. Goede koolhydraten kunt u vinden in vezelrijk voedsel:

  • groente
  • fruit
  • volkorenproducten
  • vis
  • frietjes
  • roggebrood
  • bruine bonen
  • kikker erwten
  • champignons
  • bladgroente
  • banaan
  • kersen
  • halfvolle melk

De slechte koolhydraten zitten in:

  • zoutjes
  • wit brood
  • aardappelen, aardappel puree
  • rijst
  • gedroogd fruit
  • corn flakes
  • stokbrood
  • rijstcracker
  • watermeloen
  • bier

Producten met een goede en foute koolhydraten:

  • chips
  • muesli
  • bieten
  • ananas
  • kiwi
  • jam
  • frisdrank

Voor de mensen die geïnteresserd zijn in de achterliggende gedachte van goede en foute koolhydraten volgt hierna een stuk theorie.

Soorten koolhydraten

Om te kunnen bepalen welke koolhydraten u nodig heeft en welke u beter wat minder kunt consumeren is het nodig om inzicht te hebben in de verschillende soorten. Ze zijn op drie verschillende manieren onder te verdelen:

Wel verteerbaar – niet verteerbaar

De energie uit koolhydraten wordt via uw dunne darm in het lichaam opgenomen. Dit vindt plaats doordat uw dunne darm ze verteerd daardoor glucose geeft aan uw lichaam. Glucose wordt ook wel suiker genoemd. De koolhydraten die uw lichaam kan omzetten in glucose worden de verteerbare koolhydraten genoemd.

De niet verteerbare worden middels de bacteriën in uw dikke darm afgebroken maar niet in uw lichaam opgenomen. Deze vormen dan ook geen bron van energie; vandaar de aanduiding “niet verteerbaar” en tot de voedingsvezels gerekend.

Enkel- en meervoudige

Koolhydraten bestaan uit suikermoleculen. Aan de hand van de hoeveelheid suikermoleculen kunnen de koolhydraten ingedeeld worden naar enkel- of meervoudig. De belangrijkste voorbeelden van enkelvoudige koolhydraten (monosachariden) zijn druiven- en vruchtensuiker en galactose (melkproducten). De genoemde suikers komen veel voor in in fruit en honing. Galactose komt veel voor in melkproducten.

De belangrijkste voorbeelden van meervoudige koolhydraten zijn zetmeel, dierlijke producten, biet- en rietsuiker en melk- en moutsuiker.

Vanuit de scheikunde kan de volgende praktische indeling worden gemaakt:

  • Enkelvoudige koolhydraten. Deze bestaan uit 1 molecuul. Denk hierbij aan druiven- en vruchtensuiker.
  • Tweevoudige koolhydraten. Deze bestaan uit 2 moleculen. Denk hierbij aan suiker uit de winkel en melksuiker.
  • Meervoudige koolhydraten. Deze bestaan uit meer dan 2 moleculen. Een goed voorbeeld is zetmeel.

De enkel en tweevoudige koolhydraten worden snel in uw bloed opgenomen zorgen direct voor energie in uw lichaam. Ze worden daarom ook snelle suikers genoemd. Meervoudige worden door uw lichaam veel langzamer opgenomen en resulteren in een minder snelle toename van suiker in uw bloedsomloop. De meervoudige koolhydraten worden daarom ook vaak langzame suikers genoemd.

Snelle en langzame koolhydraten

Met snelle koolhydraten worden de enkel en tweevoudige bedoeld. Met de langzame koolhydraten worden de meervoudige bedoeld.